vrijdag 10 oktober 2008

Dokter en christen zijn

Een grote vraag tijdens mijn studie is altijd geweest: hoe kan ik mijn christen-zijn integreren met mijn werk als dokter? Tijdens mijn co-schappen kostte het medische beleid en de omgang met collega’s en supervisoren me al genoeg moeite. Maar toch zou ik het een verarming vinden als ik niet met ook mijn geest mijn werk kon uitvoeren. Dan zou het weinig verschil maken of ik op een zaal zou staan, of iemand anders. En ik wil wel een verschil maken. Is dan alleen mijn vriendelijke gedrag genoeg? Ik denk het niet, want ik ben niet altijd vriendelijk en geduldig. Ook kan ik niet zomaar over Christus gaan vertellen, omdat de patienten daar niet om vragen, en ik dan mijn vertrouwensrelatie kan verspelen. Het inroepen van een pastoraal medewerker is een goede optie, maar dat kunnen ook meer mensen dan ik alleen. Hoe kan ik, met mijn gaven en kenmerken, een goede christendokter zijn op de plaats waar ik gesteld wordt? In het dagelijks leven heb ik al moeite (ik doe het eigenlijk nooit) om met niet-christenen over Jezus te praten, laat staan in mijn werk.
De dokter met wie ik nu meewerk is ook een christen, en hij heeft gisteren een bijeenkomst bij elkaar geroepen voor alle christelijke medewerkers van het ziekenhuis. Daar heeft hij een oproep gedaan aan iedereen om een lichtje te zijn op de plaats, op de afdeling waar hij werkt. Om in kleine gebaren en woorden de liefde van Jezus te weerspiegelen. En op zijn tijd daarover te praten met patienten. Wat heel belangrijk daarbij is, is het gebed. Ik weet dat als ik rechtstreeks voor mijn patienten zou gaan bidden, dat ik dan niet meer voldoende afstand kan hebben en hun problemen mee naar huis neem. Dat is niet goed voor mij. Wat ik nu heb ontdekt (hoe simpel ook, ik had daar nog niet aan gedacht), is dat er twee dingen zijn waar ik voor kan bidden zonder de verantwoordelijkheid voor de redding van mijn patienten op me te nemen. Ten eerste is dat of God me duidelijk wil maken met welke patienten ik kan en moet praten, en of Hij daar de gelegenheid voor wil schenken. Ten tweede voor de personeelsleden, dat de christelijke mensen anders zullen zijn, en vragen zullen uitlokken. En daarbij ook voor mijn eigen houding. Ik ben erg blij dat ik dit nu zo ontdekt heb!

donderdag 9 oktober 2008

Er is meer dan de afwas...

In 1898 sprak prof. dr. Hector Treub in Rotterdam ten gunste van het toelaten van vrouwen tot de geneeskundestudie. Hieronder volgt een citaat:




Bron: NtvG2008;152(40):2186-90

donderdag 7 augustus 2008

Mona Lisa Smile

Gisteren heb ik de film "Mona Lisa Smile" (2003) gezien, en het bleef me wel bezighouden. In eerste instantie leek het een romantische vrouwen feel-good film te zijn, maar achteraf was het niet zo'n voorspelbaar plot met een ideale vrouw en een ideale man die elkaar leuk vinden, ruzie krijgen en het weer goed maken. Eigenlijk ging het niet eens om de mannen die erin voorkwamen.
Het verhaal is gebaseerd rond Wellesley College, een hogeschool voor meisjes waar vooral de elite naar toe gaat. Omdat ze niemand anders konden krijgen hebben ze een docente kunstgeschiedenis uit Californië aangenomen, die langzamerhand doorkrijgt dat ze niet op een hogeschool is beland, maar op een veredelde huishoudschool. De reacties van mensen op moviemeter.nl zijn vooral negatief, dat het een vrouwenfilm is, saai en voorspelbaar. Ik zag er daarentegen veel vragen in die de moeite waard zijn om over na te blijven denken.
  • Zo blijkt dat de eerste les die de docente geeft volgens de syllabus helemaal te mislukken omdat iedereen de syllabus en aanbevolen literatuur gelezen heeft, en dus alle antwoorden weet. De volgende les pakt ze het anders aan door moderne kunst te laten zien. Een aantal meisjes raken in de war, waar zijn de regels gebleven? Wie bepaalt wat kunst is en waarom? Is kunst alleen maar mooi en perfect? Of is het een uitingsvorm? Wie is gezaghebbend in het bepalen van wat kunst is? Later volgt een les over van Gogh, waarin het contrast gegeven wordt tijdens het niet gewaardeerd worden van zijn werk tijdens zijn leven, omdat hij zich niet wil conformeren aan de geldende normen, maar nu zijn er schilderpakketten waarmee je op nummer zijn bekende schilderijen kunt kopieëren, totaal ingaand tegen alles wat van Gogh tijdens zijn leven voorstond. Kunst is niet het verleden, het is ook het heden en de toekomst.
  • Verder kan de docente totaal niet omgaan met de intelligentie van de meisjes en het doel wat ze voor ogen hebben: huisvrouw worden, en de allerperfectste ook nog. Ze stimuleert een meisje zich aan te melden voor de rechtenfaculteit op Yale, waar ze ook wordt aangenomen, maar ze besluit te trouwen en de aanmelding te laten voor wat het is. Als de docente dat hoort kan ze niet blij zijn voor het meisje, waarop het meisje zegt dat de docente wel tolerant en vrijgevochten lijkt te zijn, maar als iemand andere keuzes maakt dan dat zij goed vindt, dan kan ze dat niet accepteren. Herkenbaar in deze tijd, waarin tolerantie de algemene mening volgt (of andersom) en een afwijkende mening (ik ben dokter, maar blijf thuis om voor de kinderen te zorgen) als niet verantwoordelijk en niet toegestaan wordt gezien.
  • Een ander meisje heeft er alles voor over om te trouwen, heeft alles voor elkaar, maar haar man blijkt niet van haar te houden, wil niet met haar naar bed en ze is doodongelukkig. Ze kan niet meer bij haar moeder terecht, want een getrouwde vrouw moet haar eigen boontjes doppen. Ze schrijft harde stukken tegen de docente, die de meisjes zou doen rebelleren tegen de rol die ze van nature hebben meegekregen, en doet haar best de schijn op te houden. Tot ze op den duur besluit een scheiding aan te vragen, ongehoord in die tijd. Aan haar moeder, die hoogst verontwaardigd is, laat ze de Mona Lisa zien. Die lacht wel, maar is ze ook gelukkig? Wanneer word je gelukkig? Door aan de verwachtingen te voldoen? Of juist niet? Of soms wel en soms niet? Is geluk het hoogste doel? Of is een netjes en goed leven het maximaal haalbare? Wanneer geef je je ongeluk toe?
  • Het laatstgenoemde meisje valt een keer keihard uit tegen een ander meisje dat met veel verschillende mannen uit gaat en ermee slaapt. Ze is ontzettend gemeen, maar het andere meisje heeft door dat ze het over zichzelf heeft als ze schreeuwt dat niemand van haar houdt, en omarmt haar, waardoor de liefde openbreekt. In plaats van zich beledigd te voelen, weg te lopen, terug te schelden, geeft ze een omhelzing en heeft ze de ander lief. En dat zorgt voor vrede en openheid. Wat doen wij in onze maatschappij? Denken we er nog aan dat een ander uit verdriet en machteloosheid kan kwetsen? Gaan we dan alleen voor ons eigen rechtvaardigheidsgevoel of proberen we ook de ander te helpen?

Kortom, geen voorspelbare romantische film, maar een film over een jaren '50 maatschappij, die eigenlijk niet eens zoveel verschilt als de onze... Wat zegt dat?

dinsdag 5 augustus 2008

Buluitreiking

Ja, 21 augustus 2008 krijg ik mijn diploma omdat ik basisarts ben! En dat wordt je niet zomaar in de hand gedrukt, daar wordt een hele ceremonie omheen gebouwd. Het vindt allemaal plaats in het academiegebouw in Utrecht, een oud gebouw waar al heel lang plechtigheden worden gehouden. De buitenkant is al mooi, en de zalen aan de binnenkant zijn helemaal bijzonder.



De plechtigheid begint om half twee en duurt anderhalf uur. Terwijl de leden van de artsexamencommissie en wij (13 personen) de zaal binnen komen lopen, staan alle aanwezigen op. Wij nemen dan plaats op de eerste rij. Daarna wordt de ceremonie geopend en de eed voor gelezen. De eed is de eed van hippocrates, inmiddels gemoderniseerd. Hieronder de oude en nieuwe versie.
"Ik zweer bij Apollon de genezer, bij Asclepius, Hygieia en Panacea en neem alle goden en godinnen tot getuige, om naar mijn beste oordeel en vermogen de volgende eed te houden: Ik zal naar mijn beste oordeel en vermogen en om bestwil mijner zieken hun een leefregel voorschrijven en nooit iemand kwaad doen. Nooit zal ik, om iemand te gerieven, een dodelijk middel voorschrijven of een raad geven, die, als hij wordt gevolgd, de dood tot gevolg heeft. Nooit zal ik een vrouw een instrument voorschrijven om een miskraam op te wekken. Maar ik zal de zuiverheid van mijn leven en mijn kunst bewaren. Het snijden van de steen zal ik nalaten, ook als de ziekte duidelijk is; ik zal dit overlaten aan hen die hierin bekwaam zijn. In ieder huis waar ik binnentreed, zal ik slechts komen in het belang van mijn patiënten.Mijn leermeester zal ik eren en liefhebben als mijn ouders; ik zal in gemeenschap met hem leven en zo nodig mijn bezit met hem delen, de kunst leren zonder vergoeding en zonder dat daartoe een schriftelijke belofte nodig is; aan mijn zonen, aan de zonen van mijn leermeester en aan de leerlingen die verklaard hebben zich aan de regelen van het beroep te zullen houden, aan hen allen zal ik de grondslagen van de kunst leren.Al hetgeen mij ter kennis komt in de uitoefening van mijn beroep of in het dagelijks verkeer met mensen en dat niet behoort te worden rondverteld, zal ik geheim houden en niemand openbaren. Moge ik, als ik deze eed getrouwelijk houd, vreugde vinden in mijn leven en in de uitoefening van mijn kunst, maar moge het tegenovergestelde het geval zijn indien ik hem schend.Ik zal mij verre houden van iedere welbewuste slechte daad en van elke verleiding, in het bijzonder van de geneugten der liefde met mannen of vrouwen, of zij vrij zijn of slaaf.
Met name de dikgedrukte regels waren aanleiding in 2003 een nieuwe eed te formuleren (denk ik), naast natuurlijk dat we de goden die hij aanroept niet meer kennen en dat we niet meer één leermeester hebben die we zullen verzorgen (het moet niet gekker worden...)
"Ik zweer/beloof dat ik de geneeskunst zo goed als ik kan zal uitoefenen ten dienste van mijn medemens. Ik zal zorgen voor zieken, gezondheid bevorderen en lijden verlichten. Ik stel het belang van de patiënt voorop en eerbiedig zijn opvattingen. Ik zal aan de patiënt geen schade doen. Ik luister en zal hem goed inlichten. Ik zal geheim houden wat mij is toevertrouwd. Ik zal de geneeskundige kennis van mijzelf en anderen bevorderen. Ik erken de grenzen van mijn mogelijkheden. Ik zal mij open en toetsbaar opstellen, en ik ken mijn verantwoordelijkheid voor de samenleving. Ik zal de beschikbaarheid en toegankelijkheid van de gezondheidszorg bevorderen. Ik maak geen misbruik van mijn medische kennis, ook niet onder druk. Ik zal zo het beroep van arts in ere houden."
De KNMG, de grootste artsenvereniging, werkt volgens de nieuwste eed. Het veel kleinere Nederlands Artsenverbond daarentegen zegt de oude eed als uitgangspunt te nemen, en met daarin de eerbied voor het leven.
In principe ben je volgens de wet al verplicht om alles te doen wat er in de eed staat, maar omdat het een aloude ceremonie is, wordt het toch gehandhaafd. Je kunt weigeren om hem af te leggen, maar dat schijnt nooit te gebeuren. Bij het afleggen van de eed moet je je rechterhand opsteken waarbij de wijsvinger en de middelvinger gesloten tegen elkaar zijn. Op de eed kun je antwoorden met: "dat beloof ik", "zo waarlijk helpe mij God almachtig" of "Allah, de erbarmer, de barmhartige". Dan moet je weer gaan zitten en daarna vindt het ondertekenen van de bul plaats, en wordt je persoonlijk toegesproken. En na afloop natuurlijk: een borrel!
Als je er niet bij kunt zijn, heb je toch een idee wat er plaats gaat vinden!

vrijdag 6 juni 2008

Konijne-hupse-sprongen

Deze weken voel ik me net een konijntje. Ik hups van de ene gedachte naar de andere, en bovenal van het ene onderwerp naar het andere. Binnen tien minuten kan ik nadenken en plannen maken over het co-schap dat ik nu doe, de reis naar Zuid-Afrika en mijn werk als we weer terugkomen. Terwijl dan niets mijn volledige aandacht heeft, en er dan natuurlijk ook niet veel concreets uit voorkomt.
Bij de klinische geriatrie maken ze bij elke patient probleemlijsten, op vier gebieden (somatisch, psychisch, sociaal en functioneel). Bij elk probleem heb je dan een aantal handelingen om het probleem op te lossen. Soms worden problemen inactief en soms komen er net zo hard weer nieuwe problemen bij. Nu wil ik mijn leven niet indelen in problemen, maar meer in mogelijkheden. Het lijkt me wel overzichtelijk om ook eens zo'n gebiedenlijstje voor mezelf te maken. Meestal heeft het maken van een lijstje meer effect dan me daadwerkelijk aan zo'n lijstje te houden! En dan heb jij ook weer een overzicht van mijn leven :-p
Studie
1. Co-schap afmaken, tussentijdse beoordeling ging goed, de komende drie weken voorzie ik geen problemen.
2. Studie afronden. Papieren inleveren, portfolio inleveren, is allemaal nog niet goed bekend hoe en waar dat moet. Even afwachten maar.
3. Afstuderen. 21 augustus is de grote dag, daarna BIG-registratie regelen.
Zomer
1. Werken in de thuiszorg (schoonmaken), plan is zo'n 18 uur per week.
2. Voorbereidingen voor de reis naar Zuid-Afrika treffen, dingen regelen en inkopen doen!
3. Huis klaarmaken voor de onderhuurders. Opruimen, ordenen, schoonmaken
4. Zolder opruimen, met name mijn studie! Heerlijke ordenen en terugblikken op mijn eerste jaren. En heel lang twijfelen wat weg kan en mag....
5. Gezinskamp, moeten nog wel wat voorbereidingen voor getroffen worden. Gaat vanzelf wel lopen
6. New wine conferentie. Heerlijk kamperen, geestelijk onderwijs krijgen en omgaan met vrienden!
7. Weekje met Gerrit samen kamperen? Wie weet...
Zuid-Afrika
1. Gewoon gaan! Voorbereidingen worden getroffen in de zomer.
Maart-Sept 2009
1. Nu nog geen plannen, dus ook nog niets regelen. Dromen kan natuurlijk altijd!
2. Vaker naar Kampen gaan, ook kerkelijk wat verkennen. Willen we daar gaan wonen?
3. Huis en werk zoeken
Opleiding tot specalist ouderengeneeskunde (SOG)
1. Heerlijk werken als dokter, eindelijk! Om een specialist ouderengeneeskunde te worden, de nieuwe naam voor verpleeghuisarts.
Tja, ik hups nu eigenlijk nog steeds van het ene naar het andere, en heb wel duizend scenario's in mijn hoofd wat er allemaal kan gaan gebeuren. Elk gebied is al spannend en enerverend op zich. Wat een rijkdom als je geen saai leven hebt, en kunt genieten van mooie vooruitzichten. Ook al kunnen er altijd dingen gebeuren die de boel in de war gooien. Maar dan maak je gewoon nieuwe lijstjes.

dinsdag 6 mei 2008

Mijmeringen

De zon schijnt, het is heerlijk weer en de laatste weken tellen zich af. De laatste weken van mijn studie, die aan het begin nog eindeloos leek te duren, die in het vijfde jaar niet snel genoeg voorbij kon zijn, en die nu precies lang genoeg duurt en geduurd heeft. Samen met mijn studiegenoten krijg ik een vreemde trilling, als je ineens echt verantwoordelijkheid moet gaan dragen, of je nu wil of niet. Als ik in het vliegtuig naar Zuid-Afrika bij een noodgeval niet help ben ik strafbaar, maar als ik een Amerikaan help, of ik dat nu goed of niet goed doe, heb ik meteen een claim aan mijn broek. Tot nog toe weten wij (mijn studiegenoten en ik) nog geen bal van verzekeren en regelingen, van belastingen en andere rompslomp. Tijdens de opleiding moet je alleen medische kennis leren en geluk hebben tijdens je co-schappen dat je extra leert, en als arts moet je ineens alles afweten van juridische en financiele zaken, van onderhandelen en accepteren... En blijkbaar gaat het altijd wel goed.

Gelukkig ga ik eerst even weg uit Nederland en weg van de Nederlandse medische wereld, en genieten in Zuid-Afrika. Daar zal ik ook in verschillende medische praktijken mee gaan lopen/ werken, maar het is nog onduidelijk wat voor verantwoordelijkheden ik kan nemen, omdat mijn registratie hier niet automatisch ook voor daar geldt. Voorzichtigheid is nog steeds geboden. Eén foutje en alle goede dingen vallen daarbij in het niet.

Aankomende donderdag heb ik een gesprek in een verpleeghuis in Zwolle, met de opleiders daar. Ik wil daar graag in september 2009 met de opleiding tot verpleeghuisarts beginnen, en mijn plekje alvast vastleggen. Je weet anders maar nooit wie er met de buit vandoor gaat! Mijn eerste gesprek voor mijn eerste baan... ik heb het idee dat ik nu pas volwassen ga worden!

dinsdag 15 april 2008

Het is over...

Geen oudjes meer, geen schakel meer, het half jaar in Overvecht is voorbij! Gelukkig met een goed resultaat afgerond! Meteen nadat ik het had afgesloten moest ik alweer verder met mijn volgende project: 6 weken wetenschappelijk onderzoek naar de aanvullende waarde van een speciale lijst over medicijnen, wel weer bij oudere mensen. Ik ga die vragenlijsten zelf afnemen bij de mensen, lijkt me wel gezellig, en dan vergelijken met de gegevens die zonder die vragenlijst boven tafel zijn gekomen.
Ik ben nu echt de weken aan het aftellen. De zomer komt dichtbij, de dagen zijn weer langer, heerlijk! De laatste zes weken zullen nog wel aanpoten worden, maar ach, wat is zes weken op zes jaar...

woensdag 12 maart 2008

Musical (2)


Ja, alweer het tweede bericht over de musical, het houdt niet op! We wilden eerst alleen twee uitvoeringen in Utrecht doen, maar nu hebben we er ook twee in Ede gehad, en 10 en 11 april zijn we te zien in Rotterdam. Dat was echt bedoeld als laatste keer, maar nu hebben we weer een uitnodiging gehad... Het blijft een leuke ervaring om op te treden, en achter de schermen zo stil en zo snel mogelijk je proberen om te kleden, terwijl nog tien mensen dat willen doen. En dan wachten op het eerste moment dat je voelt dat je het publiek meekrijgt, de opluchting dat ze wel lachen om grapjes ( je weet namelijk maar nooit!)

Het is een unieke voorstelling, mede door het script, maar ook doordat wij amateurs zijn, wat denk ik toch wat extra's geeft.
Ik kan alleen maar aanraden om er echt in Rotterdam bij te zijn, ook al is het misschien een beetje uit de buurt, want als het goed is wordt dat wel de laatste kans!

maandag 11 februari 2008

Onderzoek

Inmiddels is de indeling van mijn combistage verschoven, was ik eerst meer bezig met de kliniek, nu doe ik veel meer aan mijn onderzoek. Ik onderzoek kenmerken van patienten die bij ons in 2006 zijn opgenomen, en mogelijke verbanden. De meeste gegevens heb ik uit de ontslagbrieven gehaald die hier digitaal opgeslagen zijn, maar ik ben erachter gekomen dat mijn informatie over complicaties en co-morbiditeit (meerdere ziektes tegelijkertijd) wel heel mager is. Dus heb ik ook de 220 dossiers doorgespit... Verder ben ik heel druk bezig geweest met het verwerken van alle cijfers die ik heb ingevoerd. Het uitgangsscherm ziet eruit als een excelfile met allemaal cijfers, meestal 1-en en 2-en. Als je daar twee uur mee bezig bent geweest, heb je echt vierkante ogen!

Met een paar klikken op de knop rollen er tabellen en grafieken uit het programma waar je 'u' tegen zegt. Het probleem is alleen bedenken wat die getallen nou precies zeggen! Daarvoor heb ik een boek gekocht wat ik al veel eerder had moeten hebben. En nu, eindelijk, zijn alle standaardberekeningen klaar!! Een tipje van de sluier: dit is één van de vele tabellen die ik gemaakt heb. Boeiend hè? :)

Vandaag heb ik de inleiding/aanleiding van mijn onderzoek geschreven, waarvoor ik allerlei rapporten ben gedoken, onder andere aan het ministerie van VWS. Pffff, wat een cijfers en wat een geraaskal soms! Maar als je dan na een dag een stuk heb geproduceerd met een logisch verhaal waarom het toch wel heel belangrijk is dat ik hier drie maanden aan besteed heb, is het wel weer de moeite waard. Morgen ga ik alles wat ik tot nu toe heb gedaan doorspreken met mijn begeleider, die er met een frisse blijk tegenaan kan kijken, en dan spreken we het plan voor de komende weken door. Want ik ben maar tot 4 april op de schakel! Dan moet alles afgerond zijn.

woensdag 16 januari 2008

Nieuwjaarsbuffet

Elk jaar wordt er op de schakelafdelingen in plaats van een kerstdiner het nieuwejaarsbuffet georganiseerd. De activiteitenbegeleider neemt dit enorme werk op zich en zorgt ervoor dat de koks heerlijk eten klaarmaken en de tafels er goed uitzien. Ook zorgt ze ervoor dat de tafels mooi gedekt zijn en er een sjieke sfeer heerst. Op een middag schoof ze aan in de teampost om het met ons over de tafelschikking te hebben. Hadden we nog verzoeken? De verpleeghuisarts zei dat ze helemaal geen voorkeur had, en pakte een nieuwe map waar ze wat in wilde schrijven. Ik dacht daar echter heel anders over, kon zo een paar namen noemen van mensen waar ik niet bij aan tafel wilde zitten! Om de simpele reden dat, ook al heb je dan geen witte jas aan, je de dokter bent en blijft, en dat die mensen je ook tijdens zo'n buffet vertellen wat ze elke dag vertellen (en dan heb ik het niet over demente mensen). Ook al vertel ik elke dag dat ik helaas niets aan de zere rug kan doen, de klacht blijft en blijft.
Roepen deze mensen het over zichzelf af dat ik ze uit de weg wil gaan? Is het een verkapte vorm van aandacht vragen en moet ik juist op zoek naar wat ze eigenlijk willen? Is een nieuwjaarsbuffet met patienten en hun familie uberhaupt wel een goed plek? Wat als mensen de uitslag van een onderzoek willen weten? Ben je op dat moment in functie? Ook al is dat misschien officieel niet zo, mensen zien je wel zo. En je bent vaak zoals je gezien wordt.
Uiteindelijk zat ik naast mijn grote vriend, een ongehuwde man met maar 1 vriend op de hele wereld, geen familie meer, die de dag kwam nadat ik ben begonnen met mijn ASAS. Hij heeft een paar terugvallen gehad, maar is nu op het niveau dat hij aan het wachten is op overplaatsing. Hij is stokdoof en heeft een geweldige humor. Met zijn twinkeloogjes maakt hij rake opmerkingen waarmee hij laat zien dat hij heel goed door heeft hoe het er op de afdeling aan toe gaat, en in welke verhoudingen mensen tot elkaar staan. Bij het uitgebreide, heerlijke buffet was het enige wat hij wilde: aardappels, groente en vlees. En hij smulde.

vrijdag 11 januari 2008

Zijn ze er nog?

Na twee weken rust weer terug naar de schakel. Gelukkig heb ik het eerste deel van de vakantie nergens aan gedacht, en begon het pas tijdens de tweede helft van de tweede week weer te kriebelen. Hoe zou het gegaan zijn? Zijn er mensen weg, of misschien overleden? Zou ik er zo weer in zitten? De eerste maandag heb ik een tijd besteed aan het lezen van alle mappen, en was ik weer helemaal bij. Er waren geen erg zieke mensen, dus hoefde ik niet meteen vol aan de bak. Het wordt nu echt tijd dat ik mijn wetenschappelijk onderzoek meer vorm ga geven, dus heb ik de vrije uren gebruikt om daaraan te werken.
Gisteren was ik 's middags alleen op de afdeling, de verpleeghuisarts van de andere afdeling had vrij, en de verpleeghuisarts van mijn afdeling had een belangrijke vergadering. In de loop van de dag werd een mevrouw steeds zieker, en liepen de controles zoals de bloeddruk en de suikerwaardes, steeds verder op. Ze had zuurstof nodig, en het leek alsof de antibiotica in tabletvorm niet snel genoeg zou werken, en dat ze het per infuus nodig had. Ik overlegde met de longarts (als ik overleg met mensen noem ik mezelf altijd arts-assistent in plaats van semi-arts, omdat ze je anders niet serieus genoeg nemen. De brief die ik ter overdracht schreef aan de longarts, ondertekende ik vervolgens wel weer met semi-arts...) en die wilde de mevrouw wel opnemen. Dus moest ik een brief schrijven , de familie opvangen en vertellen wat er allemaal aan de hand was, mevrouw zelf inlichten en proberen te achterhalen of ze gereanimeerd wilde worden als dat nodig zou zijn. Ook moest ik de ambulance regelen en de controles van mevrouw in de gaten houden. En het liefst binnen een half uur. Dus ik legde keurig aan de ambulancemevrouw uit dat de mevrouw bij ons erg ziek was en naar het ziekenhuis vervoerd moest worden. Bleek dat er 1,5 uur later nog steeds geen ambulance was! Ik heb dus inmiddels ook weer geleerd dat je als je een ambulance wilt hebben, altijd moet overdrijven! Ik leer het meest over dingen die je vooral niet leert tijdens je studie... En daar is de semi-artsstage ook vooral voor, want de rest hoor je te weten, of in ieder geval te weten waar je het op kunt zoeken :-)